27 december 2006 door Betty Huizinga
De eerste roman van deze schrijfster/ journaliste. Ze heeft jarenlang een column gehad over het grotestadsleven in het tijdschrift Marie Claire onder haar voornaam Siska. Tegenwoordig is ze freelance journaliste.
Dit boek handelt over het thema familie. Je vrienden kun je uitzoeken, je familie niet. Die heb je gewoon.
De 30-jarige An gooit haar saaie leventje radicaal om en breekt met de familie. Van een secretaressebaan stapt ze over naar een hip reclamebureau en van een saaie relatie naar een al even hippe en mooie minnaar. Alles lijkt geweldig: succes met tekstschrijven en daarnaast veel feesten met alles wat er bij hoort.
Totdat een oude tante contact met haar opneemt met de vraag waarom ze niets aan haar ouders laat horen. Zonder dat An er iets aan kan doen gaat het balletje rollen: waarom zwijgt ze tegen iedereen over haar familie en vooral over haar zus, haar tweelingzus? In het verloop van het verhaal wordt duidelijk waarom: de tweelingzus Dahlia, die als eerste vlotweg nog net op zondagavond werd geboren, zusje An met veel moeite op maandagmorgen. En zo is het gebleven: Dahlia, de vlotte, de lieveling van iedereen, die alles durfde en dan An, timide, altijd in de achterhoede en altijd in de verdediging. Maar een zus, en zeker een tweelingzus, heb je voor het leven.
Het is, zoals achter op het boek staat, een snel geschreven boek, zeker als het gaat over het hippe reclamebureau met de hippe jongens en de mooie minnaar. Verder het ene feest na het andere. Aanvankelijk denk je bij het lezen: wat moet ik hiermee? Maar als de familieachtergrond van An en de relatie met haar tweelingzus naar de oppervlakte komt, wordt het interessant en kun je de wrok van An naar zus en ouders toe goed invoelen. Maar An moet zich uiteindelijk realiseren, dat je een tweelingzus echt voor het leven hebt, of ze er nog is of niet.
Uiteindelijk best een aardig boek voor vakantie of in een luie stoel in de tuin.
Uitgeverij Arena, Amsterdam, 2005, 204 bladzijden.